Impa en de gastbloggers: Pepperfly
Ik heb vakantie. Het huis wordt liefdevol bewoond, het werk ligt even stil en waar ik nu ben, flonkert koel water in warm zonlicht. Op Impalinea kunt u zich ondertussen laven aan logs van mijn favoriete bloggers. Impalinea proudly presents: Impa's gastblogs. Vandaag geschreven door Pepperfly.
***
Het meisje dat geen meisje was
Ik was nooit een meisje. Neen. Natuurlijk. Mijn ouders zagen mij wel als zodanig geboren worden, en zeker mijn moeder was razendenthousiast: zij had zó graag een dochter willen hebben, dat zij desnoods eerst een elftal jongens had gebaard. Gelukkig voor mijn moeder was dat niet nodig. Ik was slechts nummer twee en werd het sluitstuk in de kinderschare.
Maar een meisje werd ik niet. Ik kwam vaker smerig thuis dan de eerste de beste boerenzoon in de omgeving. Op vakantie wist ik mij binnen no time omringd door heren en schudde eventueel geïnteresseerde meisjes van mij af. Aan mijn lijf geen polonaise, en al helemaal geen kettinkjes, oorbelletjes, make-up en bijbehorend gefriemel. Want, begrijp me goed: jongens waren leuk, maar hun bewegingen dienden wèl plaats te vinden buiten mijn 30-centimeter zone. Ook dáár gold: aan mijn lijf geen...enfin. U begrijpt het.
Ik groeide op en knipte mijn haren af. Rolde shaggies en droeg spijkerbroeken, leren jassen en legerkistjes. Ik verzamelde vriendjes zoals anderen postzegels verzamelden. En nee, daar heb je ten slotte ook geen seks mee. Op die ene na, dan. En toen, niet veel later ná die ene, volgde er toch nog een echtgenoot. Misschien verraste me dat zelf nog het meest, al trouwde ik tot mijn moeders verdriet niet in een witte jurk, maar in een zwart pak. Hoed erbij en vooruit, voor de vorm een bosje rozen in een boerenzakdoek.
En toen. Besloot ik te gaan studeren voor juf. Er hoorden stages bij en in het tweede jaar kwam ik een jaar lang in de klas bij S. Vanaf de eerste dag begon hij me te bestoken met adviezen. Soms gingen die over het lesgeven, maar vaker riep hij dingen als: 'Laat je haar groeien!' en 'Doe een rokje aan!'. Waarop ik slechts minzaam glimlachte, en met boerenjongensstappen de klas weer instampte.
Maar toch. Twee jaar verder, de opmerkingen van S. zijn vervlogen in de wind van maanden en weken, merk ik dat ik 's morgens voor mijn kledingkast sta en me afvraag wat ik dragen zal. Wat is er gebeurd met de jeans en het T-shirt, gepropt achter de leren riem? Ik ga met mijn vingers langs kettinkjes en oorbellen, en kijk wat er beter staat bij dat ene nieuwe blousje, roze, of toch aquamarijn.
Ik was nooit een meisje.
Maar met veertig schijnen veel levens te beginnen. Wellicht bij mij dat van meisje. Of in ieder geval van iets wat daarop lijkt.

5 reacties:
Leef het leven, dat op dát moment bij je past. Dat gewoon dan bij jóu hoort.
Uiteindelijk ben je gewoon wie je bent.
Leuk! En enigszins herkenbaar. Ik liep tot ongeveer mijn dertigste dag in dag uit in spijkerbroek en witte bloese. Maar sindsdien...
Toen ik acht was wilde ik een jongen zijn. In trainingspak en kaplaarzen liep ik in zeven sloten tegelijk. Tot ik tieten kreeg. Flinke. Toen kon ik er niet meer omheen.
Same here. Ik betrap me er ook op dat ik langzaam maar zeker steeds meer meisjes-achtige trekjes vertoon. Wat uiterlijk betreft dan toch.
Een reactie plaatsen