26 september 2010

Impa en de rivier


Ik stond in mijn bikini in de stroom van een ondiepe rivier en stapelde stenen. Als ik met een paar grote stenen begon, kon ik er met gemak nog twee of drie op leggen die door het wateroppervlak heen braken en met een glooiend golfje om zich heen de stroom weerstonden.

De rivier kronkelde laag tussen hoge rotswanden. Ik hield van open landschappen: van vlaktes en wijde velden. Dáár ging mijn hart open, dáár kon ik ademhalen. Maar toen mijn lief mij door de heuvelbergen van de Ardèche reed, voelde ik de energie op sommige plekken bijna uit mijn handen spatten. En toen ik uitstapte aan een rivier met een bedding vol stenen, deed mijn hart een rondedansje. Stroom! Heldere, koude stroom! En overal stenen. Ronde gladde, harde keien, overdag heet van de zon, in het water koel en kleurrijk.

De eerste keer dat ik me er helemaal in liet zakken, benam het water me de adem. De kou omsloot mijn huid. Ik zat roerloos. Visjes knabbelschubden langs en hoog aan de rotswand cirkelden geluidloos twee roofvogels. Daarna droegen mijn voeten me elke dag vanzelf naar de bedding.

En zo stond ik in mijn bikini in de stroom van een ondiepe rivier en stapelde stenen. Ze wankelden even, vonden dan hun plek op elkaar en bleven liggen. Kleine torentjes waren het, hier en daar één. Kleine kasteeltjes waar de stroom tegen de muren beukte en dwars door de ramen heen kwam en waar ik kon wonen met mijn lief omdat in de bedding van een rivier alles immers één is.
Ik was niet de enige die onder de indruk was van mijn bouwwerken. Op de weg langs de rivier staken af en toe motorrijders hun hand op. Een pompier in een grote, rode brandweerwagen zette zijn sirene aan. Hij hing lachend uit het raam, stak zijn duim op en riep iets onverstaanbaars. Hij verdween slingerend om de hoek. Het bericht moet zelfs de lokale media hebben bereikt, want die middag verschenen er politieagenten op motoren die de weg geruime tijd afzetten voor het verkeer zodat er een heel peloton wielrijders langs kon. Honderden snelle figuurtjes die misschien niet de tijd kregen om uitvoerig naar de stenen te kijken, maar die er toch maar mooi een glimp van op hadden gevangen. Het zou in Franse huiskamers een wielerverhaal worden dat nog generaties lang werd overgeleverd van vader op zoon.

Zo stapelde ik mijn stenen en stroomde ik mijn stroom. Af en toe koos ik een steen die ik mee zou nemen naar huis: een ronde kei, een steen in de vorm van een hart of een steen die er op het eerste gezicht misschien vreemd uitzag maar die hele mooie dingen fluisterde.

22 september 2010

Impa en de vakantie

Ik ging liggen in een alpenweitje en deed mijn ogen dicht. Zo voelde dat dus. Een alpenweitje. Was dit dan soms ook waar...? Jemig, zou op zo'n weitje The Sound of...? Ik deed mijn ogen open en keek om me heen. Ik verwachtte al bijna wervelende rokken en een stem als een klokje, maar ik zag alleen mijn lief die verderop aan een plantje zat te trekken. 'Is dit nou een alpenweitje?' vroeg ik. 'Nee, schat, die hebben ze alleen in de Alpen', antwoordde mijn lief. Hmm. Nee, de Alpen, daar waren we niet. We waren in iets wat mijn lief heuvels noemde en ik bergen en we waren op weg naar een rivier in het zuiden van Frankrijk. Ik deed mijn ogen weer dicht. Maar een weitje was het wel, dat wist ik zeker. Want alleen in een weitje kan het gebeuren dat ik op mijn buik ga liggen met één oor plat op prikkend gras en dat ik mijn lichaam over de volle lengte door zichzelf heel voel zinken, dwars door het gras heen de aarde in en dan -woesj- alle kanten op tot alles van binnen even zacht en vol voelt. 'Ik ruik tijm', zei ik. 'Dat klopt,' zei mijn lief, 'dat leg ik net onder je neus.'

Ik lag naast mijn lief in een weitje in de heuvelbergen en ik rook tijm.

Mijn vakantie was begonnen.

20 september 2010

Impa en de gastbloggers: Polle

Ik heb vakantie. Het huis wordt liefdevol bewoond, het werk ligt even stil en waar ik nu ben, flonkert koel water in warm zonlicht. Op Impalinea kunt u zich ondertussen laven aan logs van mijn favoriete bloggers. Impalinea proudly presents: Impa's gastblogs. Vandaag geschreven door Polle.
***

Het kader en de context
Een gastlog schrijven is als het opruimen van de post en het verzorgen van de planten terwijl de bewoner van een huis op vakantie is. Ik krijg de sleutel, op tafel ligt een briefje met instructies. "Wil je geen water in de pot laten staan bij het slaapkamergeluk? De vrouwentongen zijn niet veeleisend, een keer in de week een klein scheutje is genoeg." Lopend door een ruimte die me bekend is, doe ik de van mij verwachte dingen en voel me ongemakkelijk. Ik vraag me af waarom. Ik was hier immers al vaker, maar dan was jij er. Dat is wat het ongemak veroorzaakt: het kader mist de juiste invulling. Als de bewoner van een huis er niet is, mist een ruimte haar context.

Het omgekeerde ontmoet ik, wanneer ik zelf op vakantie ben. Wanneer ik niet in mijn eigen huis of omgeving ben, mist de invulling haar vertrouwde omkadering. Ik zie hoe mooi de heuvels en de bossen elders zijn, eet lokale specialiteiten die ik niet eerder proefde, vat de slaap temidden van vreemde geluiden en ontmoet mensen die ik nooit tevoren de hand schudde. Pootjebadend in een Franse rivier, denk ik aan thuis. Aan de huiskamer waar een grote oranje tijger ligt. Nadat ik hem geadopteerd had van de kunstuitleen heeft Hond drie dagen naar de indringer gegromd. Uiteindelijk sloot ze vrede, vlijde zich naast hem neer en viel in slaap. Boven de bijzettafel vliegt een vogel van papier-maché. Ik kreeg hem op moederdag. Omdat ik niet heb en niet ben. In de boekenkast staan de Jip en Janneke boeken waarin ik als vijfjarige in kleuterhandschrift mijn naam schreef. Ik stel me voor hoe het voelt om in mijn eigen bed te liggen, kan de geur van de badkamer oproepen, zie de foto’s die aan de muur hangen.

De post sorteer ik. Ongeadresseerd op een stapel, geadresseerd op die ernaast. Lopend door een ruimte die me bekend is, doe ik de van mij verwachte dingen en voel me ongemakkelijk. Ik vraag me af waarom. Ik was hier immers al vaker, maar dan was jij er. Op Impalinea ben jij de context. Jij vult het kader.
Kom snel terug.

18 september 2010

Impa en de gastbloggers: Lian Reuvekamp

Ik heb vakantie. Het huis wordt liefdevol bewoond, het werk ligt even stil en waar ik nu ben, flonkert koel water in warm zonlicht. Op Impalinea kunt u zich ondertussen laven aan logs van mijn favoriete bloggers. Impalinea proudly presents: Impa's gastblogs. Vandaag geschreven door Lian Reuvekamp.
***
Tandenborstels en watervallen
We vieren de overgang. Mijn vriendinnen en ik. Zaten we tot voor kort nog gezellig samen te zweten in de sauna, nu kunnen we dat gewoon bij mij thuis op de bank. We constateren dat een vest of jasje in deze levensfase klimaattechnisch gezien het handigste kledingstuk is. En dat we behalve tampons tegenwoordig ook een T-shirt in onze handtas meedragen. Bij Zeeman en Wibra zijn ze in allerlei kleuren voor een prikkie te koop. Twee maten te groot gaan ze bovendien je hele menopauze mee. Twee maten ja, zodat je ergens halverwege het krimpen door veelvuldig wassen en het uitdijen van je taille de juiste pasvorm vindt. Want die taille, zo weten mijn vriendinnen te vertellen, die gaat eraan.
“Ook die van jou Lian”, dreigt Roos, terwijl ze twee van mijn versgebakken kokoscitroenkoekjes tegelijk in haar mond stopt.

Waar ze het vandaan halen, weet ik niet, maar zij weten duidelijk meer over onze nieuwe levensfase dan ik. Misschien heb ik de laatste jaren te veel met mijn neus in de studieboeken gezeten en moet ik er nodig weer eens een Margriet of Libelle op naslaan.
Roos is nog niet klaar met haar doemscenario. “Wat zich nu nog aftekent als rondingen van borsten en billen, gaat er steeds meer als een rechte plank uitzien om vervolgens te transformeren tot een peer.”

Maatstaf voor dit verval is de tandenborsteltest. Hiervoor ga je in je blootje voor de spiegel staan. Houd vervolgens een tandenborstel onder je borsten en billen. Valt hij meteen op de grond, dan heb je nog niets te vrezen. Maar blijft hij vastgeklemd hangen...
Behalve een tandenborstel verkoopt de betere drogist ook een menopauzetest. Hiermee wordt in je urine het gehalte aan Follikel Stimulerend Hormoon (FSH) gemeten om vast te stellen of jouw hittegolven, slaande deuren en lokale droogte met klimaatverandering te maken hebben.
Marieke heeft geprobeerd zo'n test te bemachtigen. Het winkelmeisje, dat nog nooit van een  menopauze leek te hebben gehoord, legde verschillende ovulatie- en zwangerschapstesten op de toonbank. Nadat er ongeduldig geroezemoes in de rij achter Marieke ontstond, kocht ze maar een pakje condooms.
“Condooms?” vragen we verbaasd in koor aan deze vriendin, die haar troost al jaren in yoga en schilderklasjes zoekt, nadat haar man op zijn vijftigste aan zijn tweede leg is begonnen. 
“Wow”, roept Lizzy, “Welcome back to the land of the living!”
“Was dat maar waar”, bekent Marieke blozend. Ze vertelt hoe haar poging om haar seksleven te hervatten in de kiem werd gesmoord door Moeder Natuur, die zich precies die avond, na vier maanden afwezigheid, als een imitatie van de Niagara Falls aandiende.

Hier worden we niet vrolijk van. Thee maakt plaats voor wijn. Dat helpt. Want laten we eerlijk zijn: na zo'n vijfendertig jaar menstrueren houden we het graag voor gezien. Een man kan op zijn vijfenvijftigste tegelijkertijd als vader en als opa op het plein van de kleuterschool staan, maar ons lijkt dit niet iets om jaloers op te zijn. Integendeel! Doe ons eindelijk de lusten zonder de lasten. Martin Bril schreef het al: als het leven bij veertig begint, dan beleeft het zijn hoogtepunt rond de zestig!*

Die avond zoekt Erik zijn tandenborstel, net wanneer ik in mijn nakie het ding onder het bed vandaan probeer te vissen.


© 2010 Lian Reuvekamp (www.lianreuvekamp.nl)
*Martin Bril (2008). Oud worden. In Liefde, seks en regen. Amsterdam: Prometheus.

16 september 2010

Impa en de gastbloggers: Folkert

Ik heb vakantie. Het huis wordt liefdevol bewoond, het werk ligt even stil en waar ik nu ben, flonkert koel water in warm zonlicht. Op Impalinea kunt u zich ondertussen laven aan logs van mijn favoriete bloggers. Impalinea proudly presents: Impa's gastblogs. Vandaag geschreven door Folkert Janssens.
***

Een ommetje
Als je op Vlieland woont is de wereld heel erg klein, letterlijk. Je zit met 1163 inwoners op een stukje grond dat ongeveer 60 vierkante kilometer van onze onmetelijk grote aardbol bedekt. Grote wereldproblemen als de olievlek in de golf van Mexico gaan aan je voorbij want ons probleem is dat de komkommers vandaag op waren in de supermarkt en dat is hele andere koek. Dichterbij huis en dus raakt je dat enorm. Nu sta ik er zelf niet om bekend dat ik heel veel komkommers verslind maar toch, het is wel het gesprek van de dag en dan is het nog niet eens komkommertijd want het hoogseizoen is nu nog steeds in volle gang.

Impa gaat op vakantie, misschien wel hier naartoe, je weet het niet. Zo bezien is vakantie toch ook maar een bizar verschijnsel. Ik ga als ik even weg wil naar Texel, Arcen of Schiermonnikoog maar voordat ik echt weg kan ben ik dagen gestressed om alles af te hebben zodat ik ook rustig weg kan gaan. Na twee dagen is de pijn uit mijn lijf verdwenen en begin ik mijn vakantiebestemming wat te verkennen en net als het leuk wordt kan ik weer naar huis terug want voor mijn gevoel kan ik nooit langer dan een week weg. En dat terwijl ik vroeger gewoon naar Vlieland op vakantie ging en dus eigenlijk nog steeds alles om me heen heb wat vroeger voldoende was om te ontspannen. Na de vakantie heb ik twee maanden financiële stress want vakanties vallen altijd duurder uit dan vooraf begroot en voor je het weet ben je dan al weer aan vakantie toe om de vorige te vergeten. Het is een soort vicieuze cirkel, met in het midden een centrale as van het sociale netwerk waar je eigenlijk aan wilt ontsnappen maar waar je niet van los wilt komen.

Vakantie is veranderd sinds de invoering van de Euro. Voor mij begon vakantie pas echt als je je geld had gewisseld. Guldens werden marken, franken of ponden en de koffie hoort tijdens de vakantie nooit zo te smaken als thuis. Op vakantie is baggerkoffie goed genoeg, maar daar wil je dan niet met je eigen euro's voor  betalen.

14 september 2010

Impa en de gastbloggers: Pepperfly

Ik heb vakantie. Het huis wordt liefdevol bewoond, het werk ligt even stil en waar ik nu ben, flonkert koel water in warm zonlicht. Op Impalinea kunt u zich ondertussen laven aan logs van mijn favoriete bloggers. Impalinea proudly presents: Impa's gastblogs. Vandaag geschreven door Pepperfly.
***

Het meisje dat geen meisje was
Ik was nooit een meisje. Neen. Natuurlijk. Mijn ouders zagen mij wel als zodanig geboren worden, en zeker mijn moeder was razendenthousiast: zij had zó graag een dochter willen hebben, dat zij desnoods eerst een elftal jongens had gebaard. Gelukkig voor mijn moeder was dat niet nodig. Ik was slechts nummer twee en werd het sluitstuk in de kinderschare.

Maar een meisje werd ik niet. Ik kwam vaker smerig thuis dan de eerste de beste boerenzoon in de omgeving. Op vakantie wist ik mij binnen no time omringd door heren en schudde eventueel geïnteresseerde meisjes van mij af. Aan mijn lijf geen polonaise, en al helemaal geen kettinkjes, oorbelletjes, make-up en bijbehorend gefriemel. Want, begrijp me goed: jongens waren leuk, maar hun bewegingen dienden wèl plaats te vinden buiten mijn 30-centimeter zone. Ook dáár gold: aan mijn lijf geen...enfin. U begrijpt het.

Ik groeide op en knipte mijn haren af. Rolde shaggies en droeg spijkerbroeken, leren jassen en legerkistjes. Ik verzamelde vriendjes zoals anderen postzegels verzamelden. En nee, daar heb je ten slotte ook geen seks mee. Op die ene na, dan. En toen, niet veel later ná die ene, volgde er toch nog een echtgenoot. Misschien verraste me dat zelf nog het meest, al trouwde ik tot mijn moeders verdriet niet in een witte jurk, maar in een zwart pak. Hoed erbij en vooruit, voor de vorm een bosje rozen in een boerenzakdoek.

En toen. Besloot ik te gaan studeren voor juf. Er hoorden stages bij en in het tweede jaar kwam ik een jaar lang in de klas bij S. Vanaf de eerste dag begon hij me te bestoken met adviezen. Soms gingen die over het lesgeven, maar vaker riep hij dingen als: 'Laat je haar groeien!' en 'Doe een rokje aan!'.  Waarop ik slechts minzaam glimlachte, en met boerenjongensstappen de klas weer instampte.

Maar toch. Twee jaar verder, de opmerkingen van S. zijn vervlogen in de wind van maanden en weken, merk ik dat ik 's morgens voor mijn kledingkast sta en me afvraag wat ik dragen zal. Wat is er gebeurd met de jeans en het T-shirt, gepropt achter de leren riem? Ik ga met mijn vingers langs kettinkjes en oorbellen, en kijk wat er beter staat bij dat ene nieuwe blousje, roze, of toch aquamarijn.

Ik was nooit een meisje.

Maar met veertig schijnen veel levens te beginnen. Wellicht bij mij dat van meisje. Of in ieder geval van iets wat daarop lijkt.

12 september 2010

Impa en de gastbloggers: Esther Donkers

Ik heb vakantie. Het huis wordt liefdevol bewoond, het werk ligt even stil en waar ik nu ben, flonkert koel water in warm zonlicht. Op Impalinea kunt u zich ondertussen laven aan logs van mijn favoriete bloggers. Impalinea proudly presents: Impa's gastblogs. Vandaag geschreven door Esther Donkers.
***
*** Redactioneel (dat heb ik nou altijd al eens willen schrijven): Dit gastlog is verwijderd. In overleg met Esther zelf, hoor. Dat kan soms zo uitkomen. Niet getreurd! Ga lekker lezen op haar website. Of nog beter: ze schrijft een boek. Vol mooie verhalen. Verwoord zoals alleen zij dat kan: grappig en ontroerend. Kopen, mensen, dat boek! Impa ***

10 september 2010

Impa en de gastbloggers: Frank Overlast

Ik heb vakantie. Het huis wordt liefdevol bewoond, het werk ligt even stil en waar ik nu ben, flonkert koel water in warm zonlicht. Op Impalinea kunt u zich ondertussen laven aan logs van mijn favoriete bloggers. Impalinea proudly presents: Impa's gastblogs. Vandaag geschreven door Frank Overlast.
***

Het zal wel een poosje geduurd hebben voordat Impa genoeg moed bijeen had gesprokkeld om mij te vragen voor een gastlogje op haar site. Ach, de schat. Nergens voor nodig natuurlijk. Ik wil voor haar best wel even stoppen met mijn belangrijke werk om mijn vingers  langs het toetsenbord te trekken voor haar publiek. Impa weet dat ik in diezelfde vingers de kunst van het gastbloggen heb zitten. Daar hoef je míj niets over te leren.

Mijn aanvankelijke idee was om een stukje te tikken over hoe blij ik ben met mijn nieuwe trui. Toen schoot me iets boeddhistisch naar boven en denk ik erover om het daar over te hebben. Mensen denken vaak dat ik boeddhist ben. Omdat ik een gladgeschoren hoofd heb, omdat ik al een jaar of tien geen vlees of vis eet (en andersom), omdat ik vaak naar landen reis waar het boeddhisme enthousiast wordt uitgeoefend en omdat ik natuurlijk wijze uitspraken debiteer zoals Kleinduimpje broodkruimels.

Ik ben daarentegen geen boeddhist. Mijn laatste kans op het nirvāņa heb ik samen met wat onverteerde noedels uitgekakt in Nepal. Daar kwam ik op drieëneenhalf duizend meter hoogte een prachtig vervaagd boeddhistisch klooster tegen. Je kunt je wel voorstellen dat toen ik op mijn Havaianas tussen de gewassen vandaan kwam en dit imposante bouwwerk afgetekend zag tegen de bergtoppen van de Himalaya, ik erg onder de indruk was. Helaas niet. Het was namelijk zo, ik moest heel nodig naar het toilet. Bergje klimmen is leuk, maar de constante plofbewegingen die je organen te verduren krijgen, in combinatie met een vochtige hitte en veel thee, zorgen voor een schitterende buikloop. Dus terwijl het klooster mooi en mysterieus stond te wezen en aanleiding had kunnen geven voor een spirituele uiteenzetting mijnerzijds, zat ik gehurkt boven een monnikenpot mijn darminhoud eruit te kreunen. Om daarna toiletpapier te gebruiken. Wat niet eens met het emmertje doorgespoeld kon worden. Dat moet later een verrassing geweest zijn voor de lama’s en rinpoche’s. En ik verscheet ongetwijfeld mijn kans op een boeddhistische toekomst.

Afijn. Een gastlogje dus. Ik neem aan dat het ook iets meeslepends kan zijn. Iets uit mijn jeugd ofzo, wat tegelijkertijd geestig en aandoenlijk is. Misschien over de eerste keer dat ik een begrafenis heb bijgewoond en dat ik me altijd heb afgevraagd wat die vreemde mevrouw ging doen met de foto’s die ze van mijn dode oma nam. Oh nee, wacht even, ik schrijf iets over mijn werk als basisschoolleraar. Ja! Dát vinden de vrouwtjes ook altijd leuk (Discovery Channel: bloglezers zijn in negentig procent van de gevallen verveelde huisvrouwen). Dan haal ik een herinnering naar boven over een sympathieke leerling die iets moeilijk meemaakt. Je weet wel, een lach en een traan enzo. Dat wordt mijn gastlogje!

Shit. Ik zit al op 461 woorden en ik heb nog niets geschreven wat Impa’s lezers naar mijn site moet lokken. Ehm. Had ik al gezegd dat ik heel blij ben met mijn nieuwe trui?

08 september 2010

Impa en de gastbloggers: Riekster

Ik heb vakantie. Het huis wordt liefdevol bewoond, het werk ligt even stil en waar ik nu ben, flonkert koel water in warm zonlicht. Op Impalinea kunt u zich ondertussen laven aan logs van mijn favoriete bloggers. Impalinea proudly presents: Impa's gastblogs. Vandaag geschreven door Riekster.
***


Misschien is Impa hier wel
'Wie is Impa eigenlijk?' vroeg vriend T. mij enige tijd geleden op zijn eigen verjaardag. Het was hem opgevallen dat Impa op andere weblogs langzaamaan bezit nam van de ruimte onder het knopje 'reacties'. Ook op de mijne.
'Ja! Riep ik. Dat weet ik dus niet!’
'Je weet het niet?'
'Nee. Ik weet het niet.'
'J'wel, je weet het wel.'
'Nee, echt niet. Ik heb geen idee.'
‘Hm.’ Peinsde hij. ‘Nou dan moet je haar ook maar niet ontmoeten.' Vastbesloten keek T. me aan. ‘Nee, zeker niet. Ik denk namelijk dat haar verschijning haar eigen woorden niet kan bijhouden.'
Ik keek op. ‘Haar niet ontmoeten?’ Een ernstige frons verscheen op mijn voorhoofd.
'Ja. Dat denk ik.’ vervolgde hij. ‘Want dan valt het tegen en dan vind ik haar woorden niet meer leuk.' Hij knikte om zijn woorden te bevestigen. Zijn vader die naast hem stond knikte ook. Ja. Zijn vader begreep het wel.
'Wat is het dan voor iemand?', stelde zijn vader nu de vraag. 'Die Impa?'
'Ja jeetje.'
Wat is het dan voor iemand. Wat is het dan voor iemand. Hoe moet ik dat weten als ik haar nog nooit heb ontmoet. Ik ben alleen maar fan.
‘Wat is het dan voor iemand?’ vroeg de vader nu nog eens.
'Tja.’ Probeerde ik beleefd een begin van een antwoord te maken. ‘Een beetje als de Efteling, denk ik.' Ik keek de vader aan. 'Zo goed?'
Hij glimlachte. Ik denk dat hij dit gesprek nog fascinerender vond dan ikzelf.
‘Een beetje’, antwoordde T. Het was een beetje goed en daarna werd het onderwerp Impa met rust gelaten. Even.

Maanden later gingen T. en ik naar de Utrechtse Parade. Na een prachtige voorstelling stonden we in de rij bij de ijscokraam. Terwijl we naar de zweefmolen keken, boog T. zich naar me toe en fluisterde in mijn oor. 'Riekster, weet je wat leuk zou zijn...’ Dromerig keek hij naar de hoofden tussen de bomen. ‘Misschien is Impa hier wel.'

06 september 2010

Impa en de gastbloggers: Manon Sikkel

Ik heb vakantie. Het huis wordt liefdevol bewoond, het werk ligt even stil en waar ik nu ben, flonkert koel water in warm zonlicht. Op Impalinea kunt u zich ondertussen laven aan logs van mijn favoriete bloggers. Impalinea proudly presents: Impa's gastblogs. Vandaag geschreven door Manon Sikkel.
***

Spek
Of ik vegetarische spekreepjes wilde kopen, vroeg de vrouw in de supermarkt. Ik schudde vriendelijk mijn hoofd en bedankte. 'Echt niet?' vroeg ze verbaasd. 'Ik ben vegetariër,' zei ik verontschuldigend. De vrouw wilde waarschijnlijk zeggen 'nu breekt mijn klomp', maar in plaats daarvan zei ze: 'maar dit IS vegetarisch.' Ik zei dat ik dat wist, maar dat ik als vegetariër gruwel van het woord spek en dat ik geen vegetarisch product wil eten dat spekreepjes heet. 'Nu breekt mijn klomp,' zei de vrouw toch maar. 'Deze reepjes ruiken en smaken precies als spek.' Nog een keer probeerde ik haar duidelijk te maken dat dat precies de reden was waarom ik het niet ging kopen.
Bij het schap met vegetarische burgers hoopte ik eindelijk verlost te zijn van haar. Boos kwam ze achter me aangelopen, twee pakken vegetarische spekreepjes balancerend op haar reusachtige borsten. Dat laatste is niet echt een detail dat er toe doet, maar door die pakjes spekreepjes die er boven op lagen, kon ik toch niet anders dan er naar kijken. Misschien was ze daarom wel uitgekozen om in de supermarkt producten te verkopen. In plaats van rondgaan met een kaasplankje kon ze de blokjes kaas, bekertjes vifit en spekreepjes gewoon op haar borsten presenteren. 'Als u een pakje probeert, krijgt u er een tweede gratis bij.' Omdat ze me nu heel boos aankeek, pakte ik de spekreepjes van haar borstplateau en stopte ze in mijn winkelwagen. Maar nog was ik niet van haar af. Waarom ik eigenlijk vegetarisch at, wilde ze weten. 'Omdat ik niet van vlees hou,' antwoordde ik. Om geen enkele andere reden. Ik vind het gewoon domweg niet lekker. In mijn levendige fantasie zie ik in elk biefstukje een dode koe en dan heb ik opeens geen honger meer. Verder mag iedereen van mij zo veel vlees eten als hij wil. En iedereen mag vragen of ik vegetarisch ben - in plaats van vegetariër - en iedereen mag me vertellen dat ik ook geen winegums en in dierlijk vet gebakken friet zou moeten eten. Alles vind ik prima, behalve als een vrouw met twee borsten als kaasplateaus mij dwingt om vegetarische spekreepjes te kopen. Bij die gedachte bleef ik staan. De vrouw volgde me nog steeds. Waarschijnlijk om te zien of ik de pakjes niet stiekem terug zou leggen. Vlak voor de kassa haalde ik de pakjes weer uit mijn kar en haalde het plastic eraf. De spekreepjes schikte ik op haar borsten. Op de ene borst vormden ze een mozaïek in de vorm van de zon. Op de andere borst legde ik ze in het patroon van de Aardappeleters van Van Gogh. Ik was er nog behoorlijk lang mee zoet, maar uiteindelijk legde ik ook het laatste vegetarische spekreepje terug. Ik beloofde haar dat ik ze de volgende keer echt zou kopen, maar nu even niet. Voorzichtig liep de vrouw terug naar haar verkoopkraampje, haar borsten vol spekreepjes roerloop voor zich uit duwend.

04 september 2010

Impa en de gastbloggers: Maz

Ik heb vakantie. Het huis wordt liefdevol bewoond, het werk ligt even stil en waar ik nu ben, flonkert koel water in warm zonlicht. Op Impalinea kunt u zich ondertussen laven aan logs van mijn favoriete bloggers. Impalinea proudly presents: Impa's gastblogs. Vandaag geschreven door Maz.
***
Impa en Maz op Vlie
Het begon in 1989. Voor mij althans. Ik mocht mee naar Vlieland met Impa en haar familie. Daar is het begonnen en nooit meer over gegaan. De liefde voor de Waddeneilanden en in het bijzonder Vlie(land). 'T Ailaand (ook wel Schiermonnikoog geheten) kan er ook wat van, maar in 1989 en de vijf zomers daarna zijn mijn wortels achtergebleven op Vlie.
In de wind, langs het wad, in het zand en de duinen.
In het zilt en het nat, in de zon en de wolken.
In de Bolder, op het strand, op camping Stortemelk op het jongerenkamp waar Impa en ik in mijn ouders' gigantische tent steevast veel te veel pasta of rijst kookten en dan maar alle buren te eten vroegen. Ventend als marktvrouwen stonden wij tussen de ritsen van de voortent. 'Macaroni! Wie wil macaroni!'. In discotheek De Stoep dansten wij avond aan avond op Melissa Etheridge's Like the Way I Do en lieten wij ons trakteren door Friese jongens met matjes en probeersnorren tot de bessen-ijs ons de neus uit kwam. We lagen 's nachts in de duinen vallende sterren te tellen omdat de lucht daar zo helder is door gebrek aan lichtvervuiling. Op Vlie braken wij menig jongenshart ('Warum hast du nie geschrieben?') en gingen we altijd op weg van de Stoep naar de camping langs de frietkraam van Meneer Patat en Perry Patat Kerrie om nog even een vette bek te scoren. In de jaren daarna kwamen wij wel eens los van elkaar op Vlie en verstopten dan een gulden ergens langs het hek van de midgetgolfbaan en stuurden een schatkaart met cryptische routebeschrijving naar de thuisblijver.

Deze zomer mogen we weer. Samen naar Vlie, naar festival Into The Great Wide Open. Onder begeleiding van twee verstandige volwassenen in de vorm van mijn Ontzettend Lieve Man (met snor!) en de lief van Impa. We zullen hun hart niet breken maar hopen wel op een glaasje bessen-ijs. En het Zwitserlevengevoel!

02 september 2010

Impa en de gastbloggers in september


Impa gaat op vakantie. De oppassen van mijn huis zijn al gearriveerd met een grote tas en een -zo mogelijk- nog grotere glimlach, het werk ligt even stil en op weg naar de zon sluit ik de deur van het blog achter me. Tijdelijk natuurlijk, want eind september ben ik terug. Uitgerust en opgeladen, volgens de aloude formule 'zon + geliefde + voeten ergens in het water + tent + glas wijn = uitgerust en opgeladen'. Tot die tijd op Impalinea: *rapapaaaa tsjing* Impa's gastbloggers! De komende drie weken verschijnen hier stukjes van mijn favorieten in blogland. Ik wens u veel plezier.

Goed, ik spoor nog even mijn teenslippers op en dan ben ik wel zo'n beetje vertrokken. U kunt mij aan de horizon nog wat nazwaaien, als u wilt.

Summertime... And the living is easy... *Impa's stemgeluid sterft weg*