29 oktober 2007

Kukeleku

In de reclame word ik door Cliniclowns uitgenodigd een rode neus op te zetten om te laten zien dat ik zieke kinderen een warm hart toedraag. Nou, bekijk het maar. Ik ben tegen zieke kinderen. En als we het dan toch over reclame hebben: Kukident Kleefpasta, wat is dat nou voor naam? Als ik Kukident in m'n mond zou hebben, zouden m'n tanden er door het giechelen steeds uitkukelen.

27 oktober 2007

26 oktober 2007

De dingen in perspectief

Impa heeft vandaag vier uur in haar hangmat liggen lezen, zag bij het pompstation een jongen in een auto zitten die door het raam heen en met z'n mobiel aan z'n oor druk tegen haar zat te gebaren dat ze mooie ogen had en droeg naar haar werk haar nieuwe laarzen. Op dit soort dagen valt het allemaal best wel mee met het leven in het algemeen en mijn woelige hart in het bijzonder.

25 oktober 2007

Het romantische hart van Impa

Ik zal u iets bekennen. Als Impa nou gewoon eens mocht kiezen, wilde ze tussen alle rekeningen, reclames en kranten wel een liefdesbrief in haar bus. Zo eentje waar je stiekem al je hele leven op hoopt. Eentje die al het vergeefse wachten op al die uitgebleven Valentijnskaarten in één klap goed maakt. Niet dat ik trouwens aan Valentijnsdag doe, hoor. Dat is net zoiets als dierendag of secretaressedag. Als je het de moeite waard vindt om één dag per jaar lief te zijn voor je huisdier of je secretaresse, kun je dat net zo goed altijd doen. Alsof dat hondje doorheeft dat je op dierendag een strik om een bot hebt gebonden als je hem de rest van het jaar eigenlijk een beetje verwaarloost omdat je je iedere dag opnieuw voorneemt om morgen echt die lange wandeling nou eens te gaan maken. Alsof het de uitgebluste secretaresse nieuw leven inblaast als je haar op secretaressedag een bos bloemen onder de neus houdt terwijl je haar de rest van het jaar afsnauwt. Anyway, ik dwaal af. Die liefdesbrief. Ik droom natuurlijk stiekem van een liefdesbrief waarvan de tranen me in de ogen springen. Zo'n brief die alleen in films en in sprookjes voorkomt, omdat hij over echte liefde en engelen en prinsessen gaat. En dat is Impa bepaald niet. Maar het is wel lekker om te dromen dat er iemand bestaat die jou zó lief vindt dat hij je zo'n liefdesbrief schrijft. Dat houdt de romantische mens een beetje op de been, zeg maar. Qua zwijmelend vrouwenhart en zuchtend glimlachen. Ik hou gewoon mijn brievenbus dapper in de gaten. Je weet immers maar nooit. Dat is trouwens ook elke dag een feest hier, want tegenwoordig is er iemand die de hoorn van haar deurbel niet goed op de haak heeft hangen in haar flat. Ik weet niet waar in het gebouw ze woont, maar je kunt haar bij de brievenbussen al weken horen rommelen. Ik hoor haar afwassen, ik weet wanneer ze televisie kijkt, ik weet dat ze soms om half vijf 's ochtends nog op is en het leukste is dat ze bijna de hele dag door zingt. Heel uitbundig en vooral heel vals. En als u wilt weten waar Impa ondertussen nog meer heel blij van wordt, kijkt u dan maar naar het plaatje. Een knap staaltje retail therapy, al zeg ik het zelf.

24 oktober 2007

het water in mij

Klappergrap

Vriend M: "Wanneer moet je zo'n kokosnoot eigenlijk openmaken?"
Impa: "Als de kokosnood het hoogst is."

Mag dat eigenlijk? Schaamteloos je eigen flauwe woordgrappen publiceren? Ik ben ermee gezegend dat ik altijd heel hard om m'n eigen grappen moet lachen. Zelfs als ik helemaal alleen ben en gewoon iets onwijs grappigs tegen mezelf zeg. Nu kunt u dat merkwaardig vinden, of zelfs een beetje zielig, maar ik ben er blij mee. Ik vind het gezellig. Net zoals praten tegen de ficus, slapen met een teddybeer en huilen voor de spiegel omdat het dan net lijkt alsof er iemand is om je te troosten. En ik ben een keer wakker geworden van het lachen om een steengoede grap die ik in m'n droom maakte. Maar die weet ik nu jammer genoeg niet meer.

23 oktober 2007

18 oktober 2007

Mugshot

Wil iemand mij alsjeblieft uitleggen waar een mug blijft als je hem in de lucht ziet hangen, helemaal traag omdat de modderfokker vol zit met je bloedeigenste bloed, je razendsnel naar hem grijpt, je vuist zich sluit, je hem niet weg ziet vliegen of ziet vallen en als je dan langzaam je hand opendoet hij daar ook niet in zit? Of dat de bloodsucker op de muur zit, je supersnel mept, je hem niet ziet ontsnappen maar hij ook niet plakkerig plat is uitgesmeerd? WAAR BLIJVEN DIE BEESTEN? En is het normaal dat Impa hier helemaal niet goed van wordt? Ik heb toch ogen? Ik ben toch niet gek? Jezus, zeg. En dan 's ochtends wakker worden onder de jeukbulten en een heel zacht gegiechel horen in je slaapkamer. Niet precies weten waar het vandaan komt, maar het heel duidelijk horen.

15 oktober 2007

Impa werkt op de kliko

Ik ging een weekendje op de stokoude poes van mijn vader passen. De dag ervoor had pa nog gezegd: 'Vergeet je sleutel niet', waarop ik dacht: 'wat een uitstekend idee', om het vervolgens meteen weer volslagen te vergeten. Ik had vanuit Utrecht ruim een uur gereden, op volle snelwegen vol levensgevaarlijke mafkezen die niet kunnen inhalen en invoegen. Toen ik mijn vaders straat inreed, realiseerde ik me dat ik... Inderdaad, de sleutel was vergeten. Verdomme. Ik parkeerde voor pa's huis en besloot bij een paar buren aan te bellen in de hoop dat iemand een reservesleutel zou hebben. IJdele hoop. De naaste buren waren niet thuis en bij een aantal huizen verderop in het rijtje deelden de bewoners me vriendelijk mee dat ze me niet konden helpen (de klootzakken). Goed. Ik had dus geen sleutel en mijn buurtonderzoek was vruchteloos gebleken. Dat betekende dat ik eerst weer naar Utrecht zou moeten rijden en daarna weer terug. Tegen die tijd zou de snelweg nog steeds dichtbevolkt worden door levensgevaarlijke mafkezen, alleen dan in de vorm van 100 kilometer langzaam rijdend en stilstaand verkeer. Hoe krijg ik dit toch altijd voor elkaar? Wat is er aan de hand met dat stukje van mijn brein dat over sleutels gaat? Want dit is dus niet de eerste keer. Opeens bedacht ik me iets nog veel ergers. Ik moest een opdracht opsturen en als ik eerst helemaal terugreed naar huis, zou ik niet op tijd zijn om de afgesproken deadline te halen. Dat moest dan ter plekke maar gebeuren. Ik deed in de auto m'n laptop aan en vond tot m'n vreugde het draadloze netwerk van mijn vader. Het signaal was te zwak in de auto, dus om de laatste puntjes op de i van mijn werk te zetten, stapte ik uit en legde mijn laptop op de kliko op de oprit. Omdat mijn mousepad het niet deed, liet ik de muis ernaast rondtrippelen op de groene kliko. Ik voelde me enigszins belachelijk, maar als ik de boel zou hebben opgestuurd, kon ik tenminste op m'n gemak aan de 2,5 uur heen en terug naar Utrecht beginnen. Het begon te spetteren, en toen te regenen. Welja, dat kon er ook nog wel bij. Ik pakte computer en muis op en hurkte bij de voordeur, in de schamele beschutting van een uitstekend balkon. Al hurkend probeerde ik de laptop op schoot te houden en tegelijkertijd te muizen op de zijkant van m'n dij. Even de tekst door de spellcheck halen. Mijn benen begonnen pijn te doen van het hurken. Even inloggen en een begeleidend mailtje schrijven. Ik kon mijn laptop met moeite droog houden. Nu alleen nog het tekstbestand als bijlage toevoegen, verzenden en uitloggen. Ik had een stijve nek en koude vingers gekregen. Ik klapte m'n computer dicht en strekte kreunend mijn benen, klaar om in te stappen en terug te rijden naar huis. Achter de voordeur hoorde ik iemand hoesten.

11 oktober 2007

Bloemschikking

Impa zag op weg naar de supermarkt een man in een glimmende trainingsbroek lopen. Hij had een boeket bloemen in z'n hand en riep keihard en in plat Utrechts tegen een oude baas die vlakbij liep: "Ja, ik heb effe een bosje gladiolen gekog. Voor het vrouwtje. Dat moet af en toe effe, hè. Daar maak je weer een hoop goed mee." Een lijkbleek kind sjokte ineengedoken achter de man aan. Impa dacht: Dacht je dat?

07 oktober 2007