19 september 2007

Schone tanden

K. is 18 jaar en woont sinds een maand op kamers bij een vriend van Impa. Hij komt thuis met een nieuwe tandenborstel. "Ik had m'n tandenborstel dit weekend thuis laten liggen. Ik kon gisteravond m'n tanden niet poetsen." Ik voelde met hem mee: "Erg is dat, he? Als je naar bed moet met ongepoetste tanden." Hij trok de gloednieuwe tandenborstel uit het plastic en zei: "Het viel nog mee. Ik had verwacht dat het veel erger zou zijn."
Ik beloof hierbij plechtig dat ik nooit meer aan zal komen met verzuchtigen over De Jeugd Van Tegenwoordig.

09 september 2007

Vertaalkunst

Mijn goede vriend C. is Zweeds. Hij spreekt geen woord Nederlands, maar leest mijn weblog wel. Dat doet hij –de taalbarbaar- door mijn stukjes in te voeren in de vertaalwebsite Babel Fish. Iedere oen snapt natuurlijk dat een computer misschien wel een lijst synoniemen op kan hoesten, maar dat dat niet betekent dat het de juiste betekenissen zijn, dat de grammatica klopt of dat er ook maar iets overblijft van de onderlinge samenhang van woorden in een zin en zinnen in een tekst. En dan zijn er ook nog eens woorden die de vertaalcomputer helemaal niet herkent. C. trekt zich daar niets van aan. Hij heeft het lezen van mijn blog met behulp van Babel Fish tot kunst verheven. Letterlijk, want hij noemt het zelf ‘reading Picasso’. Op z’n werk zit hij met collega’s in online woordenboeken te spitten naar de betekenis van ontbrekende woorden. In een stukje over een poes kwam het woord snorharen voor. ‘Snor’ is het Zweedse woord is voor snot, en zo heeft de hele IT-afdeling van een groot Zweeds energiebedrijf dubbel gelegen bij de gedachte dat er in Nederland blogjes worden geschreven over snothaar.
Ik heb de proef op de som genomen en m’n blogstukjes zelf maar eens door Babel Fish gehaald. Het resultaat was inderdaad ronduit kubistisch. Neem deze passage over de poes: ‘Er lag een rond hoopje vacht op de gang. Rood en opgerold, met snorharen. Het lag tevreden te slapen op de zachte vloerbedekking en snurkte naar hartelust.’ Daar blijft na het surrealisme van Babel Fish niet meer van over dan: ‘There around hoopje a fleece on pace lay. Red and closed down, with snorharen. It lay satisfied sleep on the gentle vloerbedekking and snored to hartelust.’ Picasso indeed.
ABN-Amro hoeft zich geen zorgen meer te maken over overnames. Vriend M. heeft alles al geregeld. In het Nederlands gaat het nog gewoon over meubeltjes: ‘Grote M. glimlachte breed. Hij zei: “We hebben de bank weggegooid.”’ In het Engels begint het naar grootheidswaanzin te rieken: 'We have thrown away the bank.'
Mijn arme overbuurman komt er in de Picassoversie stukken minder goed vanaf dan in het origineel: In plaats van altijd te zwaaien als hij me ziet lopen, begint hij -God mag weten waarom- altijd te wiegen als hij me ziet rennen. ‘He always sways to me if he sees me running.’ Bovendien is hij in de kubistische versie een gierigaard: ‘Hij sprak me aan bij de bar en bood me een biertje aan’ wordt: ‘He addressed me at the bar and offered himself a biertje’.
Maar het opmerkelijkste was toch wel de horrorvertaling van hoe ik als kind probeerde te knipogen: ‘Dagenlang heb ik lopen proberen of ik dat ook kon, met één oog, zonder m'n gezicht te vertrekken.’ In de Bable Fish-vertaling werd dat een onbegrijpelijke zin die er volgens mij over ging dat m’n oog van m’n hoofd viel. ‘For days have I run try or I that also was possible, with one eye, without leaving my face.’

06 september 2007

Festival de Beschaving


Impa was zaterdag op het Utrechtse Festival de Beschaving. Een weids stuk land in Leidsche Rijn omgetoverd tot festivalterrein. Er waren bands, comedians, schrijvers en theatermakers. Er waren lezingen, popquizzen en hippe hoekjes om in te zien en gezien te worden. Er was eten en drinken. Er was zon en er waren wolkjes. Het was er niet overbevolkt. Soms stonden we te luisteren of liepen we rond, maar vaak zaten we. Dat dansen geloofden we namelijk wel: zo'n festival laat zich ook prima opsnuiven vanaf het gras.



En Impa vond de striptekenaars op het festival ook leuk:

02 september 2007

Synchroon knaagdier

Ik had een muis gevangen. De modderfokker had me nachten uit m’n slaap gehouden met dat getrippel door m’n huis, en toen was ik het zat. Ik had hem met mijn beproefde techniek van Observatie, Voorbereiding & Vastberadenheid in de val laten lopen. Of, liever gezegd: in de emmer. En met die emmer liep ik vervolgens door het park om het beestje vrij te laten. Ik voelde me een ietsiepietsie belachelijk, want wie loopt er nou door een park met een groene emmer met een pannendeksel erop? Of nog erger: wie loopt er nou door een park met een muis in een emmer? En juist toen ik hoofdschuddend dacht: "Impa laat haar muis uit", zag ik op een parkbankje een mevrouw zitten met aan een lange riem een groot konijn in het gras. Ze keken in het zonnetje tevreden om zich heen.